Schoonmaakbeurt

‘Tonnie! Marie!’, roepen de baasjes, ‘Kom eens hier, vandaag krijgen jullie een schoonheidsbehandeling!’ Tonnie en Marie kijken loom op. Het is een veel te warme dag om dingen te moeten. Maar als Marie ziet dat het baasje een borstel in de hand heeft, rent ze gelijk weg. ‘Ga weg daarmee!’ Het baasje gaat daarom eerst maar naar Tonnie. Die ligt lekker op de bank.

‘Kom maar’, zegt het baasje en ze geeft Tonnie een aai met de borstel.

‘Mmm’, zegt Tonnie, ‘wat is dit voor heerlijke massage, doe nog maar eens’, en ze rekt zich nog wat meer uit. Ze strekt haar poten, haar hele lichaam uit en duwt haar kop nog wat verder omhoog. De borstel glijdt over haar vacht. De haren vliegen door de lucht. Zwarte, witte, rode.

‘Het is tijd voor een zomervacht, Tonnie. een coupe du soleil.’

‘Dat lijkt mij ook een goed idee’, snort Tonnie, en ze draait zich om zodat ook de andere kant van haar lichaam verzorgd kan worden. Er blijven maar haren uitkomen.

‘Tonnie, je lijkt wel twee keer zo klein geworden!,’ roept het baasje uit als ze klaar is met borstelen, ‘maar het staat je goed, kijk maar hoe je vacht glanst.’ Tonnie strekt zich uit en schudt de overgebleven haren de lucht in.

‘Nu ben jij aan de beurt, Marie!’ roept het baasje. Maar, waar is Marie? Net was ze er nog. Marie heeft zich verstopt achter de wasmachine. Ze moet er niets van weten, van dat poezelige gedoe. ‘Kom zeg, dat is niets voor haar.’

Maar dan klinkt het gerammel van een bakje eten, en Marie vergeet waarom ze ook alweer verstopt zat en rent de kamer in. ‘Ahaa, daar ben je’, roept het baasje, en ze pakt Marie stevig vast. ‘Kom maar Marie, nu is het tijd voor jouw schoonheidsbehandeling.’ En de borstel gaat door haar wollige vacht. ‘Brr, dat voelt niet fijn’. Marie probeert zich te concentreren, op zich is het wel fijn als ze wat haren kwijt is, maar dat houdt ze niet lang vol. ‘Oei, het irriteert te erg die borstel, weg ermee’, en voor ze het door heeft, slaat ze uit met haar poot. ‘Weg borstel!’ Als er dan nog een keer over haar vacht wordt gestreken, doet ze het nog eens. In het wilde weg slaat ze hard uit.

‘Au’, roept het baasje hard, ‘er zit een grote kras op mijn hand. Er komt rood bloed uit.

‘Nou, Marie, dan niet, dan blijf jij maar een wollige warme kat.’

‘Mooi zo’, denkt Marie, ‘precies zoals ik het wil’, en ze strekt zich nog eens uit en draait zich om.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *